Naar de inhoud

Standpunt over CGT/GET

Cognitieve gedragstherapie (CGT) is een techniek waarbij de patiёnt door het aanleren van nieuw gedrag op andere gedachten wordt gebracht, en omgekeerd (Beck, 1979). De ME Vereniging ziet dit als een normaal onderdeel van het arsenaal van de psychotherapeut. Chronisch zieken kunnen behoefte hebben aan psychische begeleiding, en CGT kan daarin een rol spelen. Wij kennen diverse therapeuten die deze techniek op een volstrekt verantwoorde wijze toepassen en zo de kwaliteit van leven van hun cliënten enigszins hebben verbeterd. Waar de ME Vereniging echter tegen in het geweer komt is misbruik van dit instrument. Sommige therapeuten hanteren CGT, vaak in combinatie met graduele oefentherapie (GET), omdat zij een bepaalde ziektefilosofie uitdragen. Zij gaan niet uit van de noden van de individuele patiёnt en gaan ook helemaal niet na of er iets mis is met diens gedachten of gedrag. Deze werkwijze is ethisch onaanvaardbaar en in voorkomende gevallen zeer schadelijk. CGT is namelijk niet zonder risico als de patiёnt op verkeerde gedachten wordt gebracht.

Risico's van CGT

Indien cognitieve gedragstherapie wordt gegeven zonder dat daar aanleiding toe is, of onoordeelkundig wordt toegepast, is er in feite sprake van hersenspoeling (MRC, 2005). De patiënt krijgt gedachten en gedrag aangeleerd die de therapeut ondersteunen, in plaats van de patiënt. Daardoor kan het voorkomen dat de patiënt meldt dat het beter gaat, terwijl dat uit objectieve metingen niet blijkt (RIZIV, 2006), en de patiënt juist gedrag vertoont dat de medische klachten verergert.

Mindfulness

Wat in het algemeen geldt voor de risico's van CGT geldt ook voor moderne varianten zoals 'Mindfulness' en 'Acceptance Commitment Therapy' (ACT) dat daar een vorm van is (Hofmann en Asmundson, 2008). Met een mindfulness-therapie wordt patiënten, die niet goed met een bedreigende situatie kunnen omgaan en vluchtgedrag vertonen, geleerd om afstand te nemen van hun emoties. Het is bedoeld voor de behandeling van terugkerende depressie of angst. Wordt de techniek echter toegepast als daar geen aanleiding toe is, dan heeft dat het risico dat men zich afsluit en niet meer aanspreekbaar is.

Nijmegen

Het Nijmeegs Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid (NKCV) propageert de toepassing van CGT/GET bij ME en diverse andere lichamelijke aandoeningen zonder aanziens des persoons. Zij gaan ervan uit dat bij ME de gedachten en het gedrag van de patiёnt de ziekte vormen, in plaats van de reactie van de patiёnt op het lijden aan een ziekte. Men claimt met CGT volledige genezing te kunnen bewerkstelligen (Knoop en Bleijenberg, 2010) en schroomt niet om de eigen onderzoeksresultaten rooskleuriger voor te stellen dan ze zijn. In het kielzog van het NKCV hangen ook diverse andere behandelaars deze theorie aan. Het NKCV en hun navolgers behandelen patiёnten, die lijden aan een ernstige hersenziekte, alsof zij zich slechts wat vermoeid voelen en geestelijk ingedut zijn. Men laat ze geloven dat ze geen beperkingen hebben, en leert ze aan zich te gedragen als een gezonde medemens. De beperkingen die het gevolg zijn van ME zijn echter reëel en dus gaat dit onherroepelijk fout - vaak al tijdens de therapie, in andere gevallen daarna. Er zijn vele schrijnende voorbeelden van patiёnten die voor de therapie nog redelijk op de been waren, en daar volledig instortten (zie o.a. Bramsen, 2010; Van Tuyll en Van Ormondt, 2008). Iemand die door CGT/GET wonderbaarlijk is genezen van de ziekte ME heeft zich in al die jaren nooit gemeld.

Bronnen

  • Beck AT (1979), "Cognitive therapy and the emotional disorders", New York: Meridian
  • Bramsen I (2010, "Evidence(?)-based practice? Over valkuilen, mythes en verhalen", in: Loes Houweling L, Kuiper C, Letiche H (red.), "Praktijkgericht onderzoek in de praktijk, een spraakmakend project", Utrecht: Lemma
  • Hofmann SG, Asmundson GJG (2008), "Acceptance and mindfulness-based therapy: New wave or old hat?", Clinical Psychology Review 28:1–16
  • Knoop H, Bleijenberg G (2010), "Het chronisch vermoeidheidssyndroom: behandelprotocol cognitieve gedragstherapie voor CVS", Houten: Bohn, Stafleu en Van Loghum
  • Medical Research Council (2005), "Neuroethics Report", april, sessie 2: "Altering the brain"
  • RIZIV (2006), "Referentiecentra voor het Chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS)", evaluatierapport 2002-2004
  • Van Tuyll E, Van Ormondt F (2008), "Ik heb er nog steeds last van. Uitvallen bij de Nijmeegse variant van CGT", ME/CVS Vereniging, Lees ME 6:14-15

ErkenME 2009 bazaarErkenME 2009 actieErkenME 2010 musicalErkenME 2010 tractor

LeesME blok